de Wijk


“Zoo moge hier een tuinstadwijk verrijzen waarin een meer harmonisch leven voor den stedeling mogelijk wordt.”
 
Dit waren de woorden die Mr. K.P. van der Mandele in 1918 sprak bij de oplevering van de eerste woningen in Tuindorp Vreewijk. Dat was het zichtbare begin van de wijk. Maar daar is wel het en en ander aan vooraf gegaan. Hier onder leest u een korte samenvatting van de gebeurtenissen en de betrokken personen.
Vreewijk-Kaart
Begin 1900 kampte Rotterdam met grote problemen door de toestroom van mensen die een baan zochten. Deze mensen kwamen in de meeste gevallen van het platte land waar, door een landbouwcrisis en overbevolking weinig of geen werk was. Door woningnood in Rotterdam, plus doordat er in de stad weinig sociale samenhang en controle was zoals in een dorp gebruikelijk is, kwamen veel mensen in problemen. Ze voelden zich ontheemd, werden ziek of raakten aan de drank. Tot er een groep vermogende, sociaal betrokken mensen opstond om daar verandering in te brengen.
Plattegrond Tuindorp Vreewijk


Deze plattegrond werd op initiatief van P. Nieuwenhuijse in 1966 door M. Goedhart geschilderd ter gelegenheid van het 50 jarig jubileum van de N.V. Maatschappij voor Volkshuisvesting Vreewijk.
 
Klik op de foto voor vergroten.

de Oprichting

De erbarmelijke omstandigheden van de minder bedeelden in de stad deed onder de rijkere klassen een stroming ontstaan die daar zaken in wilde hervormen. De gemeente ondernam echter weinig actie omdat het woningbouw een particuliere zaak achtte. Naar aanleiding van besprekingen in de Gezondheids- commissie over het woningvraagstuk organiseerde Mr K.P. van der Mandele (zelf oud lid van deze commissie) op 3 januari 1913 een samenkomst tussen 22 belangrijke Rotterdammers om op de Linker Maasoever een tuinstad concept te verwezenlijken. Op 28 juli van dat zelfde jaar was de NV ‘Eerste Rotterdamsch Tuindorp’ een feit. Het doel van de NV was:
 
“… het stichten en exploiteren van goedkope buitenwoningen ten behoeve der minder gegoede bevolkingsklasse der gemeente Rotterdam en al hetgeen daarmede verband houdt.”
 
Via aandelen werd de financiering geregeld en plannen voor de wijk werden gemaakt. Echter, onder andere door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog waardoor de prijzen van de benodigde bouwmaterialen stegen werd het project onbetaalbaar om particulier uit te voeren. Daarom werd er een beroep gedaan op de financiële ondersteuning die de Woningwet bood, waarmee het werk kon doorgaan. Alleen moest dat, om de macht van de gemeente enigszins in te perken, onder een andere naam als woningcorporatie.
 
En zo werd op 8 juni 1916 de dochtermaatschappij NV Maatschappij voor Volkshuisvesting Vreewijk opgericht. Op 5 september 1916 werd deze NV bij Koninklijk Besluit toegelaten in het kader van de woningwet en had
 
de Raad van Beheer
 
van de in 1913 opgerichte NV ‘Eerste Rotterdamsch Tuindorp’ bestond uit de onderstaande leden. Deze bestuurssamenstelling bleef het zelfde voor de in 1916 opgerichte dochtermaatschappij de NV Maatschappij voor Volkshuisvesting Vreewijk.
 
Mr. K.P. van der Mandele – Voorzitter
J. Mees P. Rz. – Penningmeester
C.M. Lohnis (secretaresse)
D.P. Hoyer
L.J.C.J. van Ravesteyn
J. Key
H.M.A. Schadee
J.H.W Swellengrebel
D.L. Uyttenboogaart

 

“… uitsluitend ten doel werkzaam te zijn in het belang van de verbetering der volkshuisvesting. Zij tracht dit doel te bereiken, zoowel door stichting van woningen in den polder Karnemelksland te Rotterdam, teneinde deze aan minder gegoeden te verhuren, als door andere middelen, die doelmatig worden geacht.”

de Architectuur

Het originele ontwerp van Tuindorp Vreewijk was gebaseerd op de ideeën van Ebenezer Howard, de Engelsman die het concept voor de tuinstad heeft bedacht. Een tuinstad moest evenwichtig zijn en zelfvoorzienend wat betreft voedsel, werkgelegenheid en voorzieningen. De grond behoorde aan de gemeenschap. Het concept moest leiden tot een totale vermenging van de burgerklassen. Concreet kwam dat neer op: Goede woningen, veel groen, winkels, scholen en mogelijkheden om sociaal en cultureel actief te zijn.
 
Vanuit die gedachte moet men naar Tuindorp Vreewijk kijken. Dat was ook de manier hoe de architecten dat deden. Vooral Berlage en Granpré Molière hebben hun stempel op de wijk gedrukt. Beide waren lid van de Rotterdamse architectenvereniging “Bouwkunst en Vriendschap” die tot rond 1920 een traditioneel-klassieke bouwstijl hanteerde. Op de kaart is aan het door Berlage ontworpen stratenplan van het oudste gedeelte van de wijk, de noord-oostelijke helft van de Vlieger, en een deel van de Valkenier nog duidelijk het oorspronkelijke cirkelvormige plan van Vreewijk te zien. Ook de gekromde straten zijn kenmerkend. Het stratenplan is gebaseerd op het oorspronkelijke sloten- en greppelpatroon. Om het dorpse karakter nog eens extra te benadrukken eindigt geen van de straatnamen op ‘straat’. Het groenplan werd tegelijk met de architectuur van de huizen ontworpen. Helaas is er van dat originele groenplan weinig meer terug te vinden. Sinds 11 maart 2014 is er echter wel een bomenplan opgesteld.
 

De Weimansweg met winkeltjes omstreeks 1928.

Het is vanaf het begin de bedoeling geweest dat het Tuindorp, net als in het originele concept van de tuinstad, een zelfvoorzienende gemeenschap zou vormen. “Koopt in den vreemde niet wat eigen dorp u biedt” was de heersende slogan. Aan de verscheidenheid van winkeltjes in de wijk kon het niet liggen. Alles was in principe in de buurt te krijgen. Verder stond er in de meeste achtertuinen wel een fruitboom of een bessenstruik. Op de pagina’s van de verschillende buurten die de wijk maken zal hier verder op in worden gegaan.
 
Terugkijkend op deze korte inleiding en reflecterend naar het heden is de gedachte achter ons Tuindorp Vreewijk weer volop actueel. Overal ontstaat stadstuinbouw en is er een roep om meer groen. Zelfvoorzienendheid en je inzetten voor de samenleving zijn eveneens regelmatig terugkerende nieuwsonderwerpen. Tuindorp Vreewijk is nu bijna honderd jaar oud, maar met de goede impulsen kan het juist vanwege haar structuur weer prima mee in de moderne tijd.
 

Bron:
 
Tuindorp Vreewijk
een geschiedschrijving over de vennootschap, haar woningen en haar huurders 1913-1988
Désirëe Valten
Uitgeverij Waterstad
ISBN 90-72405-03-x


Media bestanden


 

Share Button

Comments are closed